BMKB
De borgstellingsregeling is bestemd voor ondernemingen met maximaal 250 werknemers met een jaaromzet tot EUR 50 miljoen. Verreweg de meeste mkb’ers kunnen er gebruik van maken, waaronder ook veel vrije beroepers. Een beperkt aantal mkb-bedrijven is van de regeling uitgesloten. In een aantal situaties kunt u rekenen op extra steun: als u starter bent, als uw investering zich richt op technologische innovatie en en als u een krediet wilt afsluiten voor de bodemsanering van uw bedrijfsterrein. In speciale gevallen kan de regeling gebruikt worden bij overnames van bedrijven.
Boekhoudkundige waarde
Dit is de waarde die voortkomt uit de verwerking van de historische prestaties van de onderneming volgens vastgelegde afspraken.
DCF methode (Discounted Cash Flow methode)
De Discounted Cash Flow methode gaat uit van de verwachte kasstromen die uw bedrijf in de toekomst zal genereren.
Onder verwachte kasstromen wordt verstaan de liquide middelen die jaarlijks beschikbaar komen om aflossing of dividenduitkeringen uit te keren (winst afschrijvingen - netto investeringen in werkkapitaal en vaste activa). Bij de DCF methode heeft de winstbepaling geen invloed op de berekende waarde. Er wordt immers gekeken naar de kasstromen die worden verdisconteerd tegen een gestelde rendementeis. Die rendementseis woordt door de koper bepaalt stelt als hij een bepaalde onderneming wil kopen. Met andere woorden: binnen hoeveel jaar wil hij zijn geld terugverdienen. Des te hoger het risicoprofiel, des te hoger de rendementeis en des te lager de waarde. Overigens is dit risicoprofiel voor iedere onderneming verschillend. Zo heeft geld verdienen met de langdurige verhuur van een pand een lager risicoprofiel dan geld verdienen met een bouwonderneming die de panden bouwt (denk aan bouwfraude, hoge concurrentie). De enige maar van de DCF methode is dat de prognoses op realiteit getoetst moeten worden en de cijfers uit het verleden betrouwbaar in kaart gebracht zijn.
De-minimisverklaring' verband houdend met BMKB-regeling
De BMKB regeling is een regeling waarop 'de minimissteun' bepalingen van de Europese Commissie van toepassing zijn. Voor u als ondernemer betekent dit dat er een plafond bedrag is vastgesteld aan overheidssteun, zoals de BMKB, dat u in een periode van drie jaar mag ontvangen.
Dit bedrag is € 200.000 per onderneming over een periode van drie jaar. In verband met de kredietcrisis is de minimissteun tijdelijk, vanaf 1 april 2009 tot 31 december 2010, verhoogd naar € 500.000 per onderneming. Het plafond bedrag is van toepassing ongeacht welke overheid de steun verleent, ongeacht de vorm van de steun (subsidie, garantie etc.) en ongeacht het daarmee beoogde doel. Het plafond is gebonden aan een periode van drie jaar, d.w.z. het lopende belasting jaar en de twee voorafgaande fiscale jaren. Hierbij is het volgende van belang: Een steunverlening moet meegenomen worden in de berekening van het plafond bedrag indien deze steun is aangemerkt als de-minimissteun zoals blijkt uit een brief met een soortgelijke verklaring. De-minimissteun die gedurende het lopende en de twee voorafgaande belastingjaren is verleend dient in aanmerking te worden genomen; De-minimissteun wordt geacht te zijn verleend op het tijdstip waarop de begunstigde een wettelijke aanspraak op de steun verwerft. Dit betekent concreet de datum waarop het besluit tot subsidieverlening (of verlening van een voordeel) aan de betreffende onderneming is genomen. Dertien procent van het bedrag waarvoor de overheid borg staat op basis van de BMKB geldt als de-minimissteun. De maximale borgstelling van de BMKB per onderneming is € 1,5 mln. de-minimissteun(90%): 13% is € 175.500).
De economische waarde
Deze is gebaseerd op de verwachting dat het object in de toekomst opbrengsten kan genereren in de vorm van geld, rekening worden houdend met risico en onzekerheid.
Familie statuut
Een document dat de de relatie tussen onderneming en familie vastlegt zodat er een heldere structuur is van van rechten, plichten, bevoegdheden en procedures. Een dergelijk statuut komt over het algemeen na een intensief traject tot stand. Overdracht binnen de familie is vaak de aanleiding.
Groeifaciliteit
Snelle groei, een bedrijfsovername, een buy out of expansie in het buitenland; allemaal situaties waarin ondernemers doorgaans risicodragend vermogen nodig hebben om hun activiteiten te financieren. Voor mkb'ers is het vaak moeilijker om kapitaal aan te trekken dan voor grotere ondernemingen. Banken zijn eerder beducht voor de risico's bij verstreking van risicodragendvermogen en stellen zich terughoudender op. De regeling Groeifaciliteit is het antwoord van de overheid op deze lacune op de kapitaalmarkt. Om in aanmerkening voor de regeling te komen dient u getoetst te worden aan de Europese definitie van MKB bedrijven.
De regeling biedt banken en participatiemaatschappijen een staatsgarantie van vijftig procent voor financieringen met nieuw verstrekt risicodragend vermogen. Hun risico's nemen af, waardoor mkb'ers meer kans van slagen hebben bij hun zoektocht naar kapitaal.
Impairment Test
De IFRS regelgeving schrijft een jaarlijkse impairment test voor met betrekking op alle immateriële vaste activa waarvan de levensduur niet te bepalen is. De impairment test berekent de waarde van het actief, in de meeste gevallen op basis van verdiscontering van de toekomstig te verwachten geldstromen, hoewel IFRS niet eenduidig is over de methodologie die dient te worden gehanteerd. Omdat het immaterieel vast actief, bijvoorbeeld goodwill, in vrijwel alle gevallen onlosmakelijk verbonden is met de onderneming, vormt deze laatste meestal het waarderingsobject.
Liquiditeitsprognose
Dit is een prognose van de inkomsten en uitgaven voor een bepaalde periode en de impact hiervan op uw liquiditeit (lees: banksaldo). Meestal is die periode een jaar, maar in tijden met sterk wisselende inkomsten en uitgaven kan het raadzaam zijn om eens per kwartaal of zelfs per maand zo een begroting op te stellen.
Purchase Price Allocation
Als gevolg van een overname dient de aankoopsom in de jaarrekening van de overnemende partij te worden verwerkt. In veel gevallen is er sprake van goodwill. Onder IFRS dient een allocatie van de verworven goodwill te worden uitgevoerd, met behulp van een Purchase Price Allocation (‘PPA’). Bij een PPA worden alle te identificeren bezittingen, schulden en (voorwaardelijke) verplichtingen op fair value gewaardeerd. Hiermee worden, waar mogelijk, ook de componenten van de geïdentificeerd. Het kan bijvoorbeeld gaan om waardetoekenning van merknamen, contracten en klantrelaties.
Een zorgvuldig uitgevoerde PPA vraagt om professionele en onafhankelijke deskundigheid. M.b.v. de markt-, kosten- of inkomstenmethode wordt inzicht gegeven in de waarde van geïdentificeerde immateriële vaste activa, waarbij de ervaring leert dat (varianten op) laatstgenoemde methode (bijvoorbeeld relief from royalty) het meest gebruikt wordt.
Stand Alone waarde
De waarde van het object, zonder nieuw beleid, met de actuele vermogensverhouding en daarbij behorende vermogenskosten
Strategische Waarde
De waarde van het object, inclusief de te verwachten gevolgen van nieuw beleid, gezien door de financiële bril van een specifieke koper. Liquidatiewaarde: de waarde van de onderneming als de aanwezige activa snel worden omgezet in geld. In veel gevallen betekent dit het beëindigen van de onderneming en het separaat verkopen van de verschillende activaposten. Bij een winstgevende onderneming ligt de liquidatiewaarde vaak onder de beide voorgaande, going concern waarderingen.